Fietstochten van Annemieke en Frans Bosman

Fietstochten van Annemieke en Frans Bosman, voorbereidingen, verslagen en routes.

Auteur: Frans Page 2 of 36

Het venijn zit altijd in de staart

Zo, dat is even lekker slapen en opstaan, zo in een hotel. Lekker douchen en daarna ontbijten. Dat is even luxe.

We zitten al snel op de fiets, weer even de provinciale weg af naar het jaagpad en dan gaat de reis weer verder. De komende uren zitten we op een of meer ravels, oude spoorlijnen of jaagpaden die zijn omgesmurft naar vrijliggend fietspad. Dat is lekker fietsen hoor!
We beginnen langs het canal du central, van Charleroi naar Brussel;  het jaagpad bevalt ons wel, vlak en een stevige wind in de rug. In het begin rijden we door industrieel gebied, dat is wat minder, schrootverwerkers en cementfabrieken leveren een stoffige atmosfeer. Na een tijd liggen die achter ons en zien we weer echte natuur, niet die grauwheid die we tot nu toe hadden.
Het gaat als een speer. Dan komen we bij een oud en een nieuw fenomeen, op korte afstand van elkaar. Scheepsliften!. Aan de overkant zien we eerst een oude versie die een hoogteverschil met een zijkanaal moet overbruggen. Een mooi voorbeeld van oude techniek.
Een stukje verder komen we bij de moderne variant. Het hoogteverschil in het landschap is zo groot dat dit met sluizen niet meer te overbruggen is en dus laat men het kanaal uitmonden in twee enorme bakken met water, waarin schepen omhoog en omlaag gehesen kunnen worden en dan weer doorvaren.

Net als we aankomen bij de voet van de lift gaat er een sirene, roept een mevrouw onverstaanbare franse teksten en gaat een van de twee liften een stukje naar beneden. Dan hangt hij weer stil en na een poosje klinkt weer de sirene en teksten en gaat hij verder.
Ondertussen zijn wij bezig omhoog te gaan, wij moeten dat hoogteverschil ook overbruggen. Met een zigzagweg naar boven en de nodige inspanning komen we uiteindelijk bij de bovenloop aan en zien een schip heel langzaam de andere bak binnenvaren. Een mooi gezicht!

We fietsen weer verder met die stevige wind in de rug, dat levert een aardig tempo op en ondertussen genieten we toch van het mooie landschap. 

Dan wordt het toch tijd om het kanaal te verlaten, we moeten echt de andere kant op. Al snel rijden we een klein plaatsje binnen en daar is waarempel een terrasje. Heerlijk koffiedrinken en lunchen.
Daarna gaan we verder met de volgende ravel, deze op grond van een opgeheven spoorlijn, ligne 141. We fietsen weer met hoge snelheid, soms een heel smal pad, soms een brede asfaltstrook. Bijna steeds tussen hagen van bomen en struiken door zodat we weinig zien van de omgeving. Maar we zien net genoeg om de heuvels e.d. te onderscheiden. Die kunnen we toch maar mooi vermijden met deze ravel.
De laatste 20km is het uit met de pret. We verlaten deze ravel en gaan de gewone weg op. Een man die net buiten is ziet ons fietsen en roept “Bon Courage”, al snel wordt duidelijk waarom. 

De dorpen hier liggen in de dalen en de wegen moeten steeds uit de dalen klimmen om naar het volgende dorp te gaan. Wij dus ook. De klimmen zijn niet heel lang, maar wel heel fel. Soms ruim meer dan 10%. Annemieke moet af en toe van de fiets af omdat het voor haar niet meer te doen is.
Dit is wel een groot contrast met het gemak waarmee we eerder deze dag hebben gereden.
Dan verlaten we ook de knooppunten om naar de camping te gaan. Die ligt in een dal, en dus kunnen we morgenochtend meteen aan de bak.
De camping is snel gevonden. Er staat echter een bordje “Complet” (vol) bij het hek. Er staat ook een telefoonnummer bij en dat belt Frans. Voor fietsers is altijd plaats is het antwoord en de eigenaar is er snel. We kunnen op het speelveldje staan. prima plekje, maar het sanitair… We hebben dit nog maar zelden eerder zo gezien. Oud, vies, onderkomen. Ok, de toiletten zelf zijn redelijk schoon, maar daar is ook alles mee gezegd. Deze camping is alleen bedoeld voor vaste plaatsen, en die hebben vaak hun eigen voorzieningen, maar die hebben wij niet bij ons. Maar ja, in de verre omtrek is geen alternatief voorhanden. We gaan echt kramperen.

De tent staat zo, eten is zo klaar en de koffie zit in de bekers. We besluiten morgen richting Hasselt te gaan. Dat kan gelukkig helemaal met knooppunten en daar zijn campings genoeg in de omgeving.

Het was weer een mooie dag vandaag en dankbaar gaan we zo slapen.

 

Total distance: 77.02 km
Max elevation: 162 m
Min elevation: 18 m
Total climbing: 733 m
Total descent: -651 m
Average speed: 15.35 km/h
Total time: 09:52:42
Download

filmpje lift


 

Voor de wind

Het was weer fris vannacht, we konden de slaapzakken goed gebruiken. Maar de tent is zo goed als droog. Dat is toch wel lekker. Het zonnetje schijnt en we maken snel de boel aan de kant.

Dan vertrekken we richting België. Eerst even wat geworstel om Cambrai uit te komen en wat onzekerheid over de soort weg die we krijgen. Hier is geen routeboek van en de gps heeft het voor ons uitgerekend. We moeten nu blind vertrouwen op onze apparatuur.
De wind is behoorlijk sterk, maar hij komt uit het zuidwesten en wij gaan naar het noordoosten. Juist ja, in de rug dus. Dat is lekker fietsen hoor, vooral als de weg steeds vlakker wordt en we op een “voie-verte” belanden, een oud spoorlijntje waarvan de bedding gebruikt is om een fietspad aan te leggen. Heerlijk rustig fietsen  in de bossen.
Het is alleen jammer als bij een straat-overgang blijkt dat men een draaihek heeft neergezet om blijkbaar ongewenste voertuigen te weren. Maar ja, dat hek is zo dom geconstrueerd dat fietsen er alleen op één wiel door kunnen of er overheen getild moeten worden. Frans heeft zijn fiets snel afgeladen en door het hek gewurmd. Net als de fiets van Annemieke aan de beurt is komen er twee sterke mannen (….ergens vandaan, uit het niets…..) helpen. Ze tillen de fiets met bagage en al op en liften hem over het hek. Olala, die fiets was toch wel zwaarder dan ze dachten, maar het lukt ze wel.
We bedanken ze hartelijk en kunnen weer doorfietsen.
Aan het einde van de voie verte moeten we wat vogelen om weer op de weg terecht te komen, maar dat gaat goed en over een boerenweg rijden we België binnen. Dat zien we wederom aan een plaatsnaambord.  Er staat geen enkele indicatie van de grens…

In België gaan we, daar waar het kan, knooppunten rijden. We beginnen met de Ravel 1. Die is snel gevonden, maar eerst even boodschappen doen in het lokale supermarktje.
Een bijkomend probleempje is dat er geen camping op fietsafstand te vinden is. Dat wordt dus een hotel in de buurt van Mons.

Dan verder. De route loopt over het jaagpad langs de rivier. We zijn er net op als er een hek staat: omleiding, neem het pad aan de overkant. Tja, daar komen we net vandaan, maar goed , we nemen het pad aan de overkant. Dat gaat prima alleen na een paar km’s wordt dat wel erg slecht. De eerste keer dat we weer over kunnen steken doen we het en kunnen we weer tempo maken op een goed wegdek.
Vlakbij Mons zoeken we een hotel op, reserveren online en worstelen ons over een drukke provinciale weg naar het hotel. Daar sjouwen we onze spullen naar boven, dineren en gaan zo slapen.

We hebben weer de nodige km’s gemaakt, maar zijn niet echt moe. Wind mee is toch wel lekker.

Dankbaar gaan we slapen.


Total distance: 83.08 km
Max elevation: 75 m
Min elevation: 19 m
Total climbing: 585 m
Total descent: -571 m
Average speed: 15.77 km/h
Total time: 09:12:23
Download

Op en neer, maar wel lekker

Het was best fris vannacht. De camping ligt boven op een heuvel en daar koelt het toch wel best af. We konden de slaapzakken geod gebruiken. Heerlijk om zo in je dons weg te kunnen zakken.
De keerzijde is wel dat de tent kletsnat is van zowel condens als dauw. Het zonnetje schijnt en we doen het dus al rustig aan om zoveel mogelijk droog mee te kunnen nemen.


Het ontbijt bestaat vanochtend uit een paar repen en een kop thee en koffie. Gisteren hebben we ons laatste brood opgemaakt en op de camping konden we niets kopen. We zien wel, er zal wel een bakkertje open zijn onderweg.
De spullen zijn weer ingepakt en we staan klaar om weg te gaan. Dan schieten onze belgische buren ons aan. Ze zijn gisteren ook aangekomen op de fiets en zijn ook aan het opbreken. Ze volgen ook de Frontlijnroute, net als wij en zijn ook aardig onder de indruk.
Met een groet en een “misschien tot ziens” vertrekken we.


Eerst moeten we weer terug naar de route, zo’n 5 km. Het landschap is heuvelachtig en we trainen onze klimspieren goed. Dat blijft maar doorgaan. Dan moeten we de bladzijde van het routeboekje wisselen en moet de gps-track gewisseld worden. En dat laatste gaat fout. Frans zet per ongeluk de hoofdroute op de GPS en dat moet het Hinderburgalternatief zijn. Gevolg is wel dat we een tijdje verkeerd fietsen, met zelfs een stevige klim. Als we achter de fout komen en de weg naar de goede route hebben uitgestippeld komen we de belgische buren weer tegen. Zij volgen wel de hoofdroute. Dit grapje kost ons zeker 10km extra fietsen, waarvan een behoorlijk stuk klimmen.

We komen verschillende dorpjes tegen, maar geen bakker te bekennen. Dan nog maar wat repen erin, want het klimmen en dalen blijft maar doorgaan. Best leuk eigenlijk, maar het vreet energie.

Uiteindelijk, om 12:30, komen we in Hermies een bakker tegen die ons graag brood voor onderweg en sandwiches verkoopt. Die laatste verorberen we met smaak. We zijn nog niet voldaan, lopen tenslotte een maaltijd achter, maar er is weer een bodem.

Tijdens deze lunch besluiten we definitief onze plannen om te gooien. We verlaten de Fronrlijnroute en gaan via Namen de Maasroute terugfietsen. Maud, de dochter van Marijn en José, onze kleindochter, krijgt binnenkort een maagsonde. Ze heeft een aandoening waardoor ze o.a. niet uit zichzelf eet en heeft nu een neussonde. Dat werkt goed, maar heeft op termijn toch vervelende bijwerkingen. Marijn en José zijn door het ziekenhuis gebeld met de planning voor de operatie en wij willen dan in de buurt zijn. Niet omdat het nodig is, we kunnen toch niets doen, maar voor onze eigen gemoedsrust. We zouden niet echt lekker vakantie vieren anders.

We gaan dus terug. We zouden vandaag naar St.Quentin fietsen, maar ons gemiddelde ligt, door de heuvels, zo laag dat we dat pas laat vandaag gaan redden. Annemieke kijkt op de kaart en stelt voor om naar Cambrai te gaan. Dan kunnen we vandaar de nieuwe route uitzetten. Zo gezegd, zo gedaan. De route naar Cambrai is snel uitgerekend op de GPS en we gaan gaan op weg.
We zijn aangenaam verrast als blijkt dat we hier nauwelijks hoeven te klimmen, sterker nog, de weg loopt voor het grootste deel omlaag en aan het einde hebben we een zeer aangenaam jaagpad langs het kanaal van St.Quentin te pakken. Dit was echt lekker fietsen.

Natuurlijk zien we ook nu de hele dag gedenktekens en begraafplaatsen uit WW1. Langs grote wegen, maar ook langs stille paden. Overal in het landschap zijn ze.

Op weg naar Cambrai komen we langs het tankmuseum van WW1. In de 1e wereldoorlog werden voor het eerst tanks ingezet en wel op deze plaats. We gaan naar binnen, zijn de enige bezoekers, en krijgen een film over de slag bij Cabmrai en de inzet van de tanks. Verderop staat “Deborah”, een tank van die veldslag. Deborah is een aantal jaar geleden opgegraven op het slagveld en nu tentoongesteld. Ze heeft een voltreffer van de duitse artillerie gehad en is zwaar gehavend. Niemand van haar 8 bemanningsleden heeft het overleefd. Ook zo komt die oorlog weer dichtbij.

In Camb

 

rai hebben we snel de camping gevonden en installeren we ons. Een lekker wit biertje (van de receptie) gaat er altijd wel in op zo’n zonnige dag. We doen boodschappen, koken en plannen de route naar huis. Het veranderen van onze plannen kost ons weinig moeite, we fietsen graag met een thema, een doel en dat veranderen we nu.

Morgen fietsen we naar Belgie.

Een beetje moe, maar vooral dankbaar dat we dit kunnen en mogen doen gaan we zo slapen.

Total distance: 59.93 km
Max elevation: 127 m
Min elevation: 48 m
Total climbing: 531 m
Total descent: -549 m
Average speed: 14.67 km/h
Total time: 10:58:45
Download

 

En toch weer zon…

Het is droog geworden vannacht, iets wat voorspeld was, maar waar we altijd weer blij van worden als het uitkomt. De camping hoort bij een visvijver en dat betekent op zondagochtend blijkbaar grote bedrijvendheid. Vanuit ons nog warme tentje horen we de auto’s aankomen en het geroep van bekenden naar elkaar en het gemopper als men de nodige spullen niet kan vinden.
Tja, uitslapen moet je hier maar door de week.

Het is droog en er waait een stevige wind. We hangen de nog natte spullen van gisteren nog even te drogen en zetten thee en maken het ontbijt. Na het opruimen van de nog natte tent gaan we afrekenen en weer op weg. Vandaaf fietsen we bij tot aan Arras, niet zo’n lange tocht, maar we merken dat we op deze route niet de afstanden kunnen afleggen die we normaal afleggen. Er is gewoon veel te veel te zien en te verwerken.

De route gaat, zoals gewoonlijk, over boerenweggetjes hier. Helemaal op zondagochtend is er niet veel te doen. In de verte doemen de eerste afvalbergen van de mijnen op, die gaan we straks nog beter zien. Bij een wat grotere plaats is de supermarkt open en kopen we kwark en jus d’orange. Lekker om dat zo op te peuzelen en te drinken. De rest bewaren we tot de lunch.
Verder gaat het weer, het landschap wordt heuvelachtig en af en toe moeten we behoorlijk klimmen. Dat is goed voor onze conditie.

Af en toe rijden we langs kleinere begraafplaatsen van gesneuvelden uit ww1. We kunnen er niet aan ontkomen.

In Lens nemen we niet de hoofdroute, maar een alternatief, dat is aangeraden bij de laatste update van onze route. Daar komen we dan midden in een kermis/braderie terecht. Dat is erg leuk. Dezelfde meuk als bij ons is daar te koop, dus voor brocante-koopjes hoef je er niet naartoe. We lopen over de braderie met de fietsen aan de hand. Blijkbaar zien we er gevaarlijk uit, iedereen hgaat aan de kant. Nu zien beladen fietsen er ook wel goed uit…

Na deze alternatieve route komen we in Souchier, voor de oorspronkelijke route moeten we hier naar rechts en dan komen er een paar venijnige klimmen. We zien op de GPS dat deze route een lus maakt en een paar honder meter verderop de hoofdweg van Souchier weer kruist. Tja, dan zijn we toch liever lui dan moe en nemen we de afkorting.
Daar op de hoek is een cafe, waar we koffie gaan drinken. Het cafe is hartstikke druk, maar er is nog plaats aan een tafeltje. Wij zijn natuurlijk vreemden hier, maar hier is het de gewoonte dat nieuwe bezoekers de bestaande gasten begroeten. Dat  wisten wij niet, maar iedereen die na ons binnenkomt gaat het hele cafe rond en geeft iedereen een hand, ons ook. Eigenlijk een mooi gebaar, wat meteen wat ijs breekt. Misschien moeten we dat in Nederland ook maar eens gaan doen, en dan niet alleen in het cafe, maar overal waar je mensen ontmoet.

We fietsen weer verder en krijgen een steile klim over een pad met een slecht wegdek voor de kiezen. Dat is even werken. Op de top van de heuvel ligt een kleine begraafplaats met canadese soldaten. Onze klim is het minste wat we voor ze kunnen doen.

Een stuk verder staat het immense canadese Vimi Ridge monument. Een eerbetoon aan de gesneuvelden. De velden erom heen zijn nog verboden gebied, er kan nog altijd munitie liggen. Op dit terrein is geen vlak stukje te bespeuren, alles is omgewoeld door granaten en mijnen. We kijken nog even bij het grote monument en besluiten nog een keer terug te keren voor het museum wat hieraan verbonden. Weer die waanzin…

Het gaat weer verder, op en neer, met soms lange en soms korte klimmen en afdalingen.
Bijna bij Arras gaan we van de route af, naar de camping. Die is snel gevonden en inmiddels schijnt de zon en kunnen we alles wat nog nat of vochtig was, laten drogen.

We gaan lekker uit eten in het restaurant van de camping, drinken een heerlijk biertje en mijmeren over hoe goed wij het hebben en hoe het was in de tijd van ww1 en wat dat nu met ons doet.

Dankbaar en moe gaan we slapen, morgen naar St. Quentin.

Total distance: 57.37 km
Max elevation: 152 m
Min elevation: 20 m
Total climbing: 572 m
Total descent: -529 m
Average speed: 13.56 km/h
Total time: 06:12:19
Download

 

 

 

 

 

 

 

Een nat dagje

De hele nacht heeft het geregend, soms zachtjes, soms keihard. Zolang we in onze lekkere warme slaapzakken liggen in ons droge tentje is er niets aan de hand. Maar ja, op een gegeven moment moeten we toch opstaan. En juist op dat moment wordt het droog en gaat het zonnetje een beetje schijnen. Misschien hebben we het wel verdiend.
Gisteren hebben we geen boodschappen gedaan en we gokken erop dat we in Ieper wel een ontbijtje kunnen scoren. En dat lukt, voldaan gaan we nog even naar de kathedraal in Ieper en vertrekken dan toch echt voor de tocht van vandaag. Wederom geen lange tocht. We gaan nu noord-frankrijk in en daar zijn de campings schaars, vooral op het platteland. Er is er een over ca 60km en de volgende ligt weer 60km verder, dat vinden we toch te ver en we kiezen voor de eerste camping.

We rijden Ieper uit en zitten weer op het platteland, een beetje glooiend landschap, veel akkers. Het graan is net van de velden gehaald en het stro ligt er nog op. Na eventjes begint het wat te miezeren. We worden er niet nat van en de temperatuur is heerlijk. Als we dit de hele dag zo houden…

Het gaat voorspoeding, ook de twee klimmetjes die in het routeboek staan, nemen we zonder problemen, een mooie training voor wat komt.

Overal waar we fietsen zie je wel herinneringen aan “The Great War”. Begraafplaatsen, resten van bunkers, speciale plekken. We gaan even specifiek kijk bij een mijn-krater. Op deze heuvel stond een uitkijkpost en die is opgebazen door via een lange tunnel explosieven eronder te brengen en dan tot ontploffing te brengen. De hele top van de heuvel is verdwenen…

Na een klimmetje komen we in Mesen waar we naar de Ierse toren gaan kijken, een stenen toren als gedenkteken. Indrukwekkend zijn de teksten van soldaten die hebben gevochten. De kunst is om iets heel groots klein te maken zodat het dichtbij komt en je het een beetje kunt bevatten. Dat is hier gelukt

We rijden Armentieres binnen en gaan op zoek naar een bakker om brood en broodjes te kopen. Inmiddels zijn we de taalgrens gepasseerd en dat is te merken. De geldautomaat geeft alle talen weer, behalve nederlands…
Enfin, ons Frans is nog niet al te best, maar dat wordt vanzelf beter de komende dagen. Terwijl we ons lekkere broodje verorberen begint het te regenen, en dat zal niet meer ophouden.
Voor het eerst deze vakantie moeten de regenjasje aan, de rainlegs om en de helm op. Zo kunnen we heel wat hebben.
Wij wel, maar die arme drommels die meer dan 100 jaar geleden dag in de modder moesten vechten en overleven, die hadden het veel zwaarder dan wij.

We rijden weer door en na een tijdje merken we dat we in Frankrijk zijn, niet dat de grens is aangegeven, maar omdat we een bordje van de regio zien. Vreemd dat de grens niet is gemarkeerd, maar dat merken we wel vaker op de fiets.

Het Cobbers-monument is ook weer prachtig, een momument voor de medische soldaten die onder de gevechten hun gewonde kameraden probeerden te helpen. In de modder, met gevaar voor eigen leven.

De regen blijft gestaag vallen en we maken de nodige km’s. Dan komen we langs de camping die we moeten hebben, een kleine camping bij een visvijver waar we allerhartelijks worden ontvangen. Het is een kleine camping, maar ze hebben lekker bier!

We zetten de tent op in de regen, gaan douchen en koken. We koken natuurlijk niet in de tent, maar fabrieken een luifeltje.
Dan afwassen en in de kantine koffie drinken, bloggen en nog een biertje.

Het was weer een bijzonder dag, we fietsen liever niet in de regen, maar dit is te doen. We zijn dankbaar dat we dit kunnen en mogen doen.

IMG_5895IMG_5896IMG_5897

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

IMG_5900IMG_5901

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

IMG_5902IMG_5903

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

IMG_5904

 

 

 

 

 

 

Page 2 of 36

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén

%d bloggers liken dit: